Vanaf het water

Vanaf het water

Als je opgroeit op het water, dan is je blik toch net even anders als die van mensen ‘aan de wal’. Routine om een plek snel te doorgronden creëer je op je eigen manier. Want je komt overal en nergens, en bent daardoor ingesteld op herkenningspunten die ervoor zorgen dat je nieuwe plekken snel in de vingers krijgt. Herkenningspunten die elke nieuwe plek weer vertrouwd maken. Wist je bijvoorbeeld dat de bakker en de supermarkt vaak in de buurt van de kerk te vinden zijn? Een kerktoren is altijd een goed ijkpunt als je het vertier of de eerste levensbehoeften zoekt.

Je ontwikkelt een soort onverschilligheid voor allerlei vormen van autoriteit in de haven, want het is toch immers ook jouw plek – jouw tijdelijke thuishaven en woonplaats. Zonder zo´n houding ga je onder in de wereld die door kranen, vrachtauto´s, treinen en hekken wordt gedomineerd. Portier, paspoort en slagboom: je zult ondanks alle tegenwerking toch écht alle veiligheidsbarrières moeten doorbreken om gewoon je boodschappen aan boord te kunnen halen. Of om een middagje te shoppen. Of om een rondje te fietsen. Zomaar. Dat valt niet mee. Sinds 11 september is dat overigens alleen maar lastiger geworden. Dat schippers zich soms behoorlijk opgesloten kunnen voelen achter allerlei hekken, daar staat niemand überhaupt bij stil. Sluit de haven vijanden vanaf het land uit? Of sluit de haven die vanaf het water in?

Ook weet je dat het water en de haven totaal andere werelden zijn als die van het land en de stad. Ze liggen ver van elkaar: de haven ligt meestal verscholen en verstopt, is veelal desolaat en donker, en slecht aangesloten op de infra van ‘de stad’. Probeer met het OV maar eens op een willekeurige ligplaats te komen. Lukt vrijwel niet. En er heersen andere regels, daar in de haven. Het is een mannenwereld. Probeer als vrouw maar eens zonder opmerkingen of gefluit van boord te komen. Je bent als gezin aan boord praktisch loslopend wild. Andere wereld, andere regels. De deurbel weten ze meestal ook al niet te vinden. Bonken op het raam, zo hoort het daar.

Maar je ziet vanaf het water ook hoe mooi Nederland is. Dat we niet overal volgebouwd zijn, en prachtige landschappen hebben. Gemiddelde zomervakantie van een Nederlander: camping in Frankrijk of Spanje. De reis die je maakt over de Maas vanuit het glooiende zonnige Limburg langs strakke stukken kanaal en brede stukken rivier, noordwaarts via de slingerende IJssel, langs groene weilanden en de hanzesteden, over het IJsselmeer van de Ketelbrug tot aan Lemmer, door het winderige Friesland vol rietlanden en tenslotte het groene uitgestrekte Groningen vol met koeien, is één van de prachtigste tochten die je in Nederland kunt maken.

Kortom, vanaf het water is je blik anders. Probeer maar eens.

Leave a Reply

*